“Ik ben toe aan vakantie.”

In deze periode van het jaar hoor ik die uitspraak regelmatig. En eerlijk gezegd: meestal hebben mensen gelijk. Na maanden van deadlines, vergaderingen, e-mails en volle agenda’s verlangen veel medewerkers naar een periode waarin zij even kunnen loskomen van hun werk.

Maar helpt vakantie eigenlijk wel echt? En hoe lang houden de positieve effecten aan?

Lange tijd was het wetenschappelijke antwoord nogal teleurstellend. Een invloedrijke meta-analyse die ruim 15 jaar geleden is uitgevoerd concludeerde dat vakantie weliswaar een positief effect had op het welzijn van werknemers, maar dat dit effect klein was en bovendien snel verdween zodra mensen weer aan het werk gingen. Een wat teleurstellend resultaat.

Ondertussen is er veel meer nieuw onderzoek beschikbaar dat een veel positiever beeld zien.

In een recente meta-analyse, gepubliceerd in het toonaangevende Journal of Applied Psychology, werden 32 studies met in totaal 256 effectgroottes samengevoegd. De conclusie is duidelijk: vakantie heeft een veel sterker effect op het welzijn van werknemers dan tot nu toe werd aangenomen, en de voordelen houden ook langer stand.

Voor HR-professionals biedt dit onderzoek waardevolle inzichten. Niet alleen voor de zomervakantie zelf, maar ook voor de periode daarna.

Vakantie is geen luxe, maar een investering

Het onderzoek bouwt voort op twee bekende theorieën uit de arbeids- en organisatie-psychologie.

De eerste is het Effort-Recovery Model van mijn Nederlandse collega’s Theo Meijman en Bert Mulder. Dat model stelt dat werken energie kost en dat herstel noodzakelijk is om opgebouwde belasting weer af te voeren.

De tweede is de Conservation of Resources Theory van de Amerikaan Stevan Hobfoll. Die theorie benadrukt dat mensen voortdurend psychologische hulpbronnen verbruiken en moeten aanvullen. Denk aan energie, optimisme, veerkracht en concentratievermogen.

Vakantie biedt volgens beide theorieën iets wat avondjes op de bank of een vrij weekend vaak niet kunnen bieden: een langere periode zonder werkverplichtingen, waardoor mensen niet alleen herstellen, maar ook nieuwe energie kunnen opbouwen.

Dat blijkt ook uit de cijfers. De onderzoekers vonden een groot positief effect van vakantie op het welzijn van werknemers. Tijdens de vakantie stijgt het welzijn aanzienlijk. Na terugkeer op het werk neemt dat effect weliswaar iets af, maar zelfs drie weken later ligt het welzijn gemiddeld nog steeds hoger dan vóór de vakantie.

Dat is goed nieuws voor iedereen die zich bezighoudt met duurzame inzetbaarheid.

De grootste fout: vakantie gebruiken om achterstallig herstel in te halen

Tegelijkertijd zie ik in organisaties een risico. Veel medewerkers beginnen hun vakantie al volledig uitgeput. Ze slepen zich de laatste weken voor de vakantie door hun werk heen, werken over om alles af te krijgen en vertrekken vervolgens met een lege batterij.

Vakantie wordt dan een soort noodreparatie en dat is niet hoe herstel idealiter werkt.

Vanuit het Job Demands-Resources-model weten we dat herstel een continu proces moet zijn. Medewerkers zouden niet twaalf maanden hoeven wachten om weer op krachten te komen.

Voor HR betekent dit dat aandacht voor herstel niet mag stoppen bij het stimuleren van vakantieopname. Minstens zo belangrijk zijn voldoende herstelmogelijkheden gedurende het hele jaar.

Loskomen van werk is belangrijker dan de bestemming

Een interessante bevinding uit de meta-analyse is dat de locatie van de vakantie minder belangrijk lijkt dan vaak wordt gedacht. Of iemand naar een tropisch eiland gaat of thuis blijft, maakt minder verschil dan de mate waarin hij of zij psychologisch afstand neemt van het werk.

Dat sluit aan bij tientallen jaren onderzoek naar herstel. Niet de fysieke afstand bepaalt het herstel, maar de mentale afstand.

Wie op een strandbedje voortdurend emails leest, herstelt minder goed dan iemand die thuis in de tuin zit zonder aan werk te denken.

Voor HR ligt hier een belangrijke taak.

Organisaties kunnen herstel bevorderen door duidelijke afspraken te maken over bereikbaarheid tijdens vakanties:

  • Stuur geen e-mails die onmiddellijke actie vereisen;
  • Vermijd vergaderverzoeken tijdens vakanties;
  • Respecteer afwezigheidsmeldingen;
  • Zorg voor goede vervangingsregelingen.

Een cultuur waarin medewerkers zich verplicht voelen bereikbaar te blijven, leidt tot ‘bereikbaarheidsstress’ en ondermijnt het herstelproces.

Wat medewerkers tijdens vakantie doen maakt uit

Misschien wel de meest praktische bevinding uit het onderzoek betreft de activiteiten tijdens vakantie.

De onderzoekers vonden dat vooral twee zaken samenhangen met een beter welzijn:

  • Psychologische ontkoppeling (mentaal loskomen van werk);
  • Fysieke activiteiten.

Dat laatste is bijzonder interessant. Veel mensen zien vakantie vooral als uitrusten. Natuurlijk is ontspanning belangrijk. Maar volledig passieve vakanties blijken niet per definitie het meest effectief.

Wandelen, fietsen, zwemmen, tuinieren, sporten of actief de omgeving verkennen lijken juist extra herstelvoordelen op te leveren. Volgens de auteurs komt dat doordat lichamelijke activiteit niet alleen mentale hulpbronnen herstelt, maar ook fysiologische herstelprocessen stimuleert.

Voor HR betekent dit dat vitaliteitsprogramma’s niet alleen aandacht zouden moeten besteden aan bewegen tijdens werktijd, maar ook aan actieve vormen van ontspanning buiten het werk.

Langer op vakantie is beter – maar niet onbeperkt

Een belangrijke vraag is: hoe lang moet een vakantie eigenlijk duren?

Het onderzoek laat zien dat langere vakanties leiden tot grotere welzijnsverbeteringen. Hoe langer mensen vrij zijn, hoe sterker de positieve effecten tijdens de vakantie.

Toch zit daar een nuance aan. De onderzoekers vonden ook dat de terugval na terugkeer sterker wordt naarmate de vakantie langer duurt. Dat is logisch. Na een lange afwezigheid wacht vaak een volle mailbox, een stapel dossiers en een overvolle agenda.

Mijn praktische conclusie zou daarom zijn:

Stimuleer medewerkers om voldoende vakantie op te nemen, maar besteed minstens zoveel aandacht aan een goede landing na terugkeer.

De eerste week na vakantie is cruciaal

Veel organisaties besteden veel aandacht aan de periode vóór de vakantie, maar nauwelijks aan de periode erna.

Dat is jammer. Juist de eerste werkdagen bepalen voor een belangrijk deel hoe lang de positieve effecten van de vakantie behouden blijven.

Ik zou HR adviseren om leidinggevenden aan te moedigen om:

  • Geen overvolle agenda op de eerste werkdag te plannen;
  • Medewerkers tijd te geven om e-mails weg te werken;
  • Prioriteiten helder te maken;
  • Niet direct nieuwe projecten of deadlines op te leggen.

Zie het als een zachte landing na een lange vlucht.

Wat betekent dit voor duurzame inzetbaarheid?

De belangrijkste les uit dit onderzoek is misschien wel dat vakantie geen luxevoorziening is die organisaties zich kunnen permitteren als het uitkomt.

Vakantie is een bewezen herstelinterventie.

De effecten op welzijn zijn aanzienlijk groter dan eerder werd gedacht en blijven langer bestaan dan eerdere onderzoeken suggereerden.

Voor organisaties die streven naar meer bevlogenheid en minder burn-out ligt hier een belangrijke kans.

Stimuleer medewerkers om hun vakantiedagen daadwerkelijk op te nemen. Creëer een cultuur waarin mensen tijdens hun vakantie kunnen loskomen van hun werk. Help leidinggevenden om een goede terugkeer mogelijk te maken. En zorg ervoor dat herstel niet beperkt blijft tot die paar weken in de zomer, maar onderdeel wordt van de dagelijkse werkpraktijk.

Want uiteindelijk is duurzame inzetbaarheid niet alleen een kwestie van hard werken.

Het is minstens zo goed een kwestie van goed herstellen.

Succesvolle organisatieverandering Duurzame inzetbaarheid